Aanvraag toeslagen bij vermoeden fraude

In de Wet aanpak fraude toeslagen en fiscaliteit zijn maatregelen opgenomen met als doel een aanvraag voor een of meerdere toeslagen (nog) niet toe te kennen en dus ook niet uit te betalen op het moment dat er een verhoogd frauderisico aanwezig is. Dit wordt door middel van een risicoselectiemodel bepaald.

Voorbeelden van gevallen die aanleiding kunnen zijn om een verhoogd frauderisico aan te nemen:
– de aanvrager is onbekend in het systeem van de Belastingdienst;
– de aanvrager heeft geen bekende woon- of verblijfplaats of staat in het systeem als ‘Vertrokken onbekend waarheen’;
– uit de contra-informatie blijkt dat de aanvrager geen recht op toeslag heeft.

De Belastingdienst/Toeslagen heeft in dit kader de bevoegdheid om de aanvrager te verzoeken om extra gegevens aan te leveren, bijvoorbeeld door deze naar de toeslagenbalie te laten komen. Indien de aanvrager zijn recht op een toeslag onvoldoende aantoont, wijst B/T de aanvraag af. De Belastingdienst/Toeslagen wijst een nieuwe aanvraag in ieder geval af, indien de aanvrager de afgelopen vijf jaar fraude heeft gepleegd waarvoor een vergrijpboete is opgelegd of waarvoor hij strafrechtelijk veroordeeld is. Ook indien de aanvrager geen aangifte inkomstenbelasting heeft gedaan, zal hem geen voorschot voor een toeslag toegekend worden.

Verder kan in gevallen van onbekende woon- of verblijfplaats worden overgegaan tot het stoppen van de uitbetaling van voorschotten dan wel het verminderen of volledig achterwege laten van voorschotten op toeslagen. Ook het niet uitbetalen van een definitieve toekenning met een terug te betalen bedrag behoort tot de mogelijkheden.

De belanghebbende verliest hierdoor in de regel geen aanspraak op toeslagen. De maatregelen zien op de uitbetaling van voorschotten voor toeslagen.

Wellicht heeft u recht op toeslagen? Ga daarvoor naar toeslagen aanvragen.

Lees ook:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *